AAA/T
Animal Assisted Activities hebben primair tot doel bij te dragen aan het verhogen van de levenskwaliteit van de cliënten. Daarnaast kunnen ze een belangrijke ‘helende’ waarde hebben. De activiteiten kunnen worden uitgevoerd door (semi)professionals of door de begeleiders van een team, maar altijd met speciaal opgeleide en getrainde dieren.
De bezoeken of activiteiten hebben vaak een informeel karakter. AAA wordt afgestemd op de mogelijkheden van de cliënt en de capaciteiten van het bezoekteam.

De activiteiten kunnen variëren van:
  • Een wandeling maken
  • Eenvoudige spelletjes doen, bijvoorbeeld apporteerspelletjes met de hond
  • Verzorgende activiteiten met het dier, zoals borstelen of drinken geven
  • Het dier aanraken, er tegenaan liggen of zitten
Animal Assisted Activities kunnen toegepast of uitgevoerd worden bij veel mensen in vaak verschillende situaties, dit in tegenstelling tot AAT, dat specifiek gericht is op de behandeling of begeleiding van een cliënt.

Sleutelwoorden AAA
  • Er hoeven geen specifieke behandel/begeleidingsdoelen gesteld te worden aan een bezoek
  • Medewerkers van de instelling hoeven de bezoeken niet te documenteren
  • Het bezoek is spontaan en ongedwongen van aard en is niet gebonden aan een specifieke tijdsduur
Animal Assisted Therapy (AAT)

AAT heeft tot doel ondersteunend bij de dragen aan de behandeling van een cliënt en is daarmee onderdeel van een doelgerichte therapie. Het opgeleide team speelt een integrale rol in het behandelproces. De therapie valt onder verantwoordelijkheid van een therapeut. Het kan om een individuele of groepsgewijze therapie gaan. Een begeleider van een bezoekteam is nooit verantwoordelijk voor de therapie, echter wel voor het welzijn van het dier (* tenzij de begeleider zelf de therapeut is).

Sleutelwoorden AAT
  • Er zijn specifieke doelen gesteld aan de behandeling van een cliënt
  • Therapieproces wordt gedocumenteerd; effecten worden bijgehouden
  • De therapie valt onder de verantwoordelijkheid van een professional (psycholoog, pedagoog, fysiotherapeut, logopedist, etc.)
Positieve effecten AAA/T

        Fysiologie/fysiek
  • Verlaagt hartslag en bloeddruk
  • Kalmerende werking
  • Stressreducerend
  • Brengt mensen in beweging
        Sociaal gedrag
  • Bevordert openheid van mensen ten aanzien van hun omgeving
  • Stimuleert interactie
  • Vergroot empatisch vermogen (inlevingsvermogen in anderen) met name bij kinderen
  • Prikkelt zorgvaardigheden
  • Metafoor voor sociale interacties
        Cognitief
  • Stimuleert geheugen en communicatieve vaardigheden
  • Vergroot concentratie
  • Algehele cognitieve vaardigheden kunnen worden verbeterd/vergroot
        Zintuiglijke waarnemingen/lichamelijk contact
  • Fysieke warmte, lichamelijke aanraking voelen van de ander
  • Op een fysieke manier leren uiten van affecties naar de ander
        Emotioneel
  • Ervaren van gevoel van verbondenheid met de ander
  • Positief effect op gevoel van eigenwaarde (een dier is niet veroordelend)
  • Emoties uiten en richting geven
  • Dieren kunnen als rolmodel dienen
  • Mogelijkheid van hechting op een veilige manier vanwege onvoorwaardelijke acceptatie van dieren (met name honden, katten en paarden)
  • Dieren spiegelen gedrag en onderliggend gevoel
        Last but not least
  • Plezier, vrolijkheid
  • Humor
  • Goed gevoel
  • Structuur en ritme
Mogelijke doelstellingen AAA
  • Warmte en gezelligheid brengen
  • Communicatie/interactie op gang brengen
  • Plezier/vrolijkheid
  • Zorg/aandacht geven en ontvangen
  • Stimuleren van motoriek
Mogelijke doelstellingen AAT (dit zijn slechts enkele voorbeelden)
  • Cognitie: verbeteren van concentratie, ritme en structuur aanbrengen, korte en lange termijn geheugen trainen, kennis van woorden, kleuren, maten, etc. oefenen
  • Sociale ontwikkeling: weerbaarheid vergroten, interacties met anderen (durven) aangaan, eenzaamheid verminderen, agressie-regulatietraining
  • Emotioneel: zelfvertrouwen vergroten, angst verminderen, vertrouwen krijgen en schenken
  • Fysiek: verbeteren van fijne motoriek, balansoefeningen, trainen bewegingsapparaat (lopen, wandelen, specifieke training)
Integratie AAA en AAT in begeleidingsplannen

Er zijn meerdere factoren van belang die meespelen bij het al of niet gebruiken van AAA/T-toepassingen. Allereerst maakt het natuurlijk uit of de toepassingen in een instelling zullen worden ingezet. Het werken met AAA/T binnen een instelling vraagt zorgvuldige voorlichting, begeleiding en introduceren van de diertherapeutische toepassingen.

In het algemeen moeten de volgende zaken zorgvuldig worden afgewogen:
  • Geschiktheid van het dier
  • Geschiktheid van de therapeut of het bezoekteam
  • Voorwaarden en contra-indicaties vanuit de cliënt, het dier en (eventueel) de instelling en haar medewerkers
  • Matching (koppeling cliënt- dier)
  • AAA/T vraagt veel creativiteit